Zeldzame soorten, van vliegende herten tot inheemse panda's...

De unieke fauna van de Voerstreek

De hoofdrolspelers mogen dan wel de dassen zijn, door het gevarieerde landschap leven er in de Voerstreek nog heel wat andere unieke diersoorten. De oude bossen bieden thuis aan de middelste bonte specht, het vliegend hert of de bosvleermuis. Orchideeën vinden we dan weer terug in de (kalk-)graslanden, waar je ook heel wat vlindersoorten en andere zeldzame en minder zeldzame insectensoorten kan tegenkomen. En die vormen dan weer de ideale prooi voor de grauwe klauwier. Met wat geluk zie (maar vooral hoor…) je zelfs een zeldzame vroedmeesterpad, zo genoemd omdat het mannetje de eiersnoeren rond zijn achterpoten meedraagt.

 

Hieronder kan je een aantal filmpjes terugvinden van deze soorten. Heel wat ervan spelen ook een grote of kleinere rol in de dassenfilm!

 

Grauwe klauwier: het roofvogeltje onder de zangvogels

Ook al zijn het echte zangvogels, grauwe klauwieren (Lanius collurio) hebben een naar beneden gekromd snaveltje, net zoals de 'echte' roofvogels. Het zijn geduchte jagers die vanop de top van een struik of weidepaaltje speuren naar grote insecten en ongewervelden, zoals vlinders, regenwormen of sprinkhanen, maar ook kleine zoogdieren, hagedissen of andere vogels. Te grote prooien prikken ze soms vast op prikkeldraden of stekels van meidoorhagen (waar ze trouwens ook in broeden), om zo de prooi uit mekaar te trekken. Je ziet ze erg vaak in de top van een struik of op een weidepaaltje, op zoek naar prooien.

Nog niet zo lang geleden was een koppeltje grauwe klauwier een droom van elke natuurbeheerder. Tegenwoordig doen ze het op sommige plekken wat beter. Het warmer worden en droge zomers dragen waarschijnlijk bij aan die toename. Door het typische halfopen landschap van grote delen van de Voerstreek voelen ze zich hier echt thuis, en de regio kan je dan ook als het kerngebied van de Vlaamse grauwe klauwier-populatie beschouwen. Tijdens een wandeling van half april tot eind augustus kan je ze zeker tegenkomen. De rest van het jaar brengen ze door in zuidelijk Afrika. Let vooral op het typische zorro-maskertje van het mannetje.

 

Grauwe klauwier man in typisch biotoop
Grauwe klauwier vrouwtje
Opgeprikte hagedis, prooi van grauwe klauwier

Boomklever: Metselende boomholte-bewoner

In elk stukje bos in de Voerstreek kan je wel boomklevers (Sitta europeae) tegenkomen. Meestal hoor je ze vaak, maar het zijn zeker geen onopvallende vogels. Het zijn trouwens de enige vogels bij ons die zowel naar boven als naar beneden kunnen lopen tegen de boomschors. De boomkruiper kan bijvoorbeeld enkel naar boven kruipen. Met een mengsel van modder en speeksel passen ze de grootte van de ingang van de nestholte zo aan dat ze er zelf net inkunnen. Grotere vogel als spechten en spreeuwen raken er dan niet meer in. 

Harde zaden of noten klemmen ze vast tussen de schors om er zo met hun snavel op in te hakken. Het geluid dat hierbij gemaakt wordt lijkt wel een beetje op een roffelende specht.

 

Tegen de boomstam, hoofd naar beneden. Zo zie je ze vaak.
Voedsel zoeken boomklevers ook vaak op de bosbodem
Boomklever aan ingang van nest

Kneu: zaadetende zangvogel met karmijnrode borst

Het gekwetter van de kneu (Linaria cannabina) hoor je op verschillende plekken in de Voerstreek. Als echte zaadeters vind je ze vooral in, of in de buurt van, grassen of kruiden. Het vrouwtje is wat onopvallend, maar het mannetje valt op door zijn karmijnrode borst. In de winter trekken de meeste vogels naar het zuiden, al blijven er ook altijd hier en brengen noordelijke dieren bij ons de winter door. Let vooral op de mooie karmijnrode borst van het mannetje.

De meeste zaadeters voeden hun opgroeiende jongen met insecten. Kneus niet. Zij voeden hun jongen al vanaf de geboorte met zaden. Per broedseizoen kunnen ze trouwens tot 3 nesten grootbrengen. 

 

Kneu in typisch biotoop met grassen en kruiden
Mannetje met karmijnrode borst
Jonge kneu, geboren in de Voerstreek

Vliegend hert: de grootste kever van ons land

Bijna 10 cm groot kan het vliegend hert (Lucanus cervus) worden, de grootste kever van ons land. Als je een mannetje ziet, zie je direct waar hij zijn naam vandaan haalt. Wat er uitziet als een herten-gewei (vandaar de naam…) zijn eigenlijk vergroeide kaken. Eten kan het mannetje hier niet mee, maar ze dienen dan ook vooral om indruk te maken bij vrouwtjes en om andere mannetje omver te werpen tijdens de balts. Al duurt die periode niet lang. Als keverlarven blijven vliegende herten enkele jaren onder de grond, maar eenmaal verpopt tot echte kever, blijven ze nog maar enkele weken in leven.

Met wat geluk kan je op warme zomeravonden in juni of juli een mannetje zien rondvliegen. Je herkent ze dan vooral aan de enorme grootte (niet te verwarren met juni-kevers, die dan ook op hetzelfde moment rondvliegen) en hun bijna verticale manier van vliegen om hun evenwicht te bewaren.
Vliegend hert tegen oude eik
Rivaliserende mannetjes
Detail van de enorme kaken

Vroedmeesterpad: mannetjes dragen de eitjes

De ‘kikkerdril’ ontwikkelt zich bij de vroedmeesterpad (Alytes obstetricans) niet in het water, zoals bij andere amfibiesoorten. Na de paring worden de eitjes als een snoer rond de achterpoten van het mannetje gewikkeld die de eitjes vochtig houdt! Dit gebeurt verschillende keren per jaar. Als de eitjes op het punt staan om uit te komen, trekt het mannetje pas naar het water. 

In de Voerstreek zijn er speciale maatregelen genomen om de nog erg kleine populatie een duwtje in de rug te geven.

Belangrijk is dat vroedmeesterpadden de beschikking heeft over kleine waterpartijen die het hele jaar door water bevatten. Dit is belangrijk omdat de meeste larven in het water blijven overwinteren. Daarom zijn verspreid over de Voerstreek heel wat kleine betonnen poeltjes aangelegd die vroedmeesterpadden, maar ook heel wat waterdiertjes, extra kansen bieden.

 

Typisch zijn de verticale pupillen
De eitjes op de rug van het mannetje
Vroedmeesterpadden zijn erg goed gecamoufleerd

Everzwijnen: onbekend maakt onbemind

Er zitten heel wat everzwijnen (Sus scrofa) in de Voerstreek, maar je komt ze maar zelden tegen. Het blijven schuwe dieren die voornamelijk ’s avonds en ’s nachts actief zijn. Voor de duidelijkheid: everzwijnen die mensen aanvallen zijn we in Voeren nog niet tegengekomen. Met hun gewroet kunnen ze echter wel schade toebrengen in tuinen of op akkers. Ditzelfde gewroet kan in een bosgebied echter een grote meerwaarde betekenen voor de biodiversiteit. 

Vlak voor de geboorte zondert de moeder zich af van haar groep (rotte). Ze maakt een echt nest waarin haar jongen geboren worden. Na twee weken sluit de moeder zich dan weer aan bij de groep. Meer info over het fascinerende (en soms vervelende…) leven van everzwijnen kan je vinden op https://wild-things.be/everzwijnen/ . Je kan hier ook info terugvinden over een voordracht, speciaal over everzwijnen.

Een typische 'rotte' everzwijnen
Stugge everzwijnharen in prikkeldraad
Wroetend everzwijn: vaak nuttig, soms vervelend

Wilde kat: spook van het bos

In juni 2024 raakte bekend dat er aan de oostkant van de Voerstreek, in het Vrouwenbos, een populatie wilde katten (Felis sylvestris) aanwezig was. Enkele maanden later, in november, verscheen plots een wilde kat voor één van mijn wildcamera’s in Altenbroek, meer in het westen van de Voerstreek. Dit was de eerste keer dat hier het bewijs werd geleverd van de aanwezigheid van een wilde kat, al lag het natuurlijk wel in de lijn van de verwachtingen.  

Wilde katten hebben niets te maken met huiskatten of verwilderde katten. Het is een aparte soort, die de laatste jaren in het zuiden van ons land in aantal toeneemt. Tussen de Voerstreek en de rest van Limburg loopt de Maas, die nog altijd wel een barrière vormt die zeker wel te overbruggen valt, maar dit heeft tijd nodig. Wilde katten zijn echte knaagdierenjagers. Hun favoriete prooien vormen muizen en ratten, al kunnen ze zeker en vast ook konijnen pakken, of zelfs jonge reeën. Meer informatie over wilde katten kan je terugvinden op www.wild-things.be/wilde-kat.

 

Boommarter: een schuwe bosbewoner

Terwijl het veel bekendere broertje, de steenmarter, letterlijk overal voorkomt in België en Nederland, is de boommarter (Martes martes) een veel zeldzamere marterachtige. Sinds een onderzoek in 2012-2013 was al duidelijk dat er in het oosten van de Voerstreek boommarters voorkwamen. Je kan het onderzoek hier terugvinden. In januari 2025 lukte het mij om een boommarter in beeld te brengen in Altenbroek. Steenmarters zoeken vaak een menselijke omgeving op (vaak met bijhorende overlast), maar boommarter blijven toch vooral schuwe nachtelijke bosbewoners.

Dit maakt dat het opmerken van een boommarter niet simpel is. Maar de kansen worden groter. De boommarter is zijn verspreidingsgebied aan het uitbreiden, én er wordt meer en meer gebruik gemaakt van wildcamera’s, waardoor de kans wordt vergroot om een boommarter goed in beeld te krijgen. Zoals hier.

 

Reeën: overal te zien in Voeren

Reeën (Capreolus capreolus) kan je in de Voerstreek bijna altijd zien als je een ochtend- of avondwandeling maakt. En je ziet ze ook veranderen, afhankelijk van de tijd van het jaar: een kastanjebruine zomervacht, eerder grijs in de winter, met gewei, zonder gewei, jonge reeën met vlekjes, blaffende of vegende reeën,… Reeën zijn fijnproevers die zot zijn van kruiden, bloemen of jonge blaadjes. Je vindt reeën dan ook eerder aan de bosrand, dan grazend in de open velden. 

Reeën zijn de enige hertachtigen met een uitgestelde zwangerschap. Hun bronsttijd is in de zomer. Maar als de paring dan plaatsvindt, zouden de jongen in theorie in de herfst geboren worden. Dan is het echter veel te koud en is er te weinig voedsel te vinden. De jongen beginnen zich in het moederlichaam daarom pas in januari te ontwikkelen, zodat de jongen geboren worden in de lente. Dan stijgen de temperaturen en is er veel eten te vinden. Meer informatie over reeën vind je op https://wild-things.be/reeen/

Een jong reekalfje met camouflerende vlekjes
Een mooi reebokje in de kastanjebruine zomervacht
Een reemoeder, op zoek naar haar jongen in het hoge gras

Wildlife Video Gallery

Wildlife in Juni in de Voerstreek
Opgroeiende grauwe klauwieren
Putter eet distel-zaadjes

Steun ons in dit uniek project!

Wil je zelf betrokken raken en het maken van deze film steunen, klik dan hieronder!

Ontdek de planten van de Voerstreek

Dit bericht is alleen zichtbaar voor beheerders.
Probleem met het weergeven van Facebook berichten. Back-up cache in gebruik.
Klik om de fout te tonen
Fout: Error validating access token: The session has been invalidated because the user changed their password or Facebook has changed the session for security reasons. Type: OAuthException