Everzwijnen (Sus scrufa)

Everzwijnen zijn de bulldozers van onze natuur. In familiegroepen van verschillende vrouwtjes met jongen van allerhande leeftijden, de zogenaamde ‘rotte’, of als eenzaam mannetje trekken ze doorheen onze bossen. Hoewel everzwijnen ondertussen op heel wat plaatsen voorkomen, zijn ze niet zo simpel om te zien. Wandelaars krijgen in het beste geval vaak een in paniek wegspurtend zwijn te zien. Hun sporen daarentegen zijn erg duidelijk en indrukwekkend. Maar het zijn diezelfde sporen die hen niet altijd even geliefd maken. Everzwijnen, dieren met heel wat voor- en nadelen, maar jammer genoeg ook heel wat vooroordelen…

Voortplanting bij everzwijnen

Halfvolwassen mannen leven in kleine groepen, maar volwassen mannen, de beren, leven vanaf hun 2de levensjaar alleen. Enkel in de paartijd zoeken ze het gezelschap op van vrouwtjes, die in grote groepen kunnen leven. Zo een groep wordt een ‘rotte’ genoemd en kan uit tientallen dieren, moeders en jongen van verschillende leeftijden bestaan.

Problemen met everzwijnen

Spijtig genoeg is niet iedereen zo blij met de komst van de zwijnen, en het klopt inderdaad dat everzwijnen soms voor problemen kunnen zorgen. Het verkeer bijvooorbeeld. Jaarlijks worden heel wat reeën aangereden (meer dan 100 moeten we er jaarlijks met het Natuurhulpcentrum gaan ophalen), maar bij reeën valt de schade mee. Een everzwijn is ongeveer een blok beton waar tegenaan gebotst wordt, en het gebeurt geregeld dat de auto na een botsing per total is!

Gelukkig worden er nu op gevaarlijke plekken wildrasters geplaatst. Deze voorkomen dat everzwijnen en andere grotere zoogdieren op de drukke baan terechtkomen. Ecoducten of – tunnels zorgen er vervolgens voor dat de dieren toch veilig aan de overkant raken.

Ook voor boeren kunnen zwijnen soms vervelend zijn. Maïsakkers vormen een gedekte tafel, en je zou als everzwijn wel heel dom zijn om hier niét van te profiteren! Als bulldozers kunnen ze door de akkers trekken en een spoor van vernieling achterlaten. Erg vervelend, maar tegenwoordig zijn er gelukkig degelijke en vrij goedkope elektrische afrasteringen te koop.

Wat echter veel belangrijker is, is het feit dat everzwijnen hier nu eenmaal thuishoren. Ze zijn lange tijd weggeweest, en nu gelukkig helemaal terug. De problemen dié ze veroorzaken zijn meestal wel op te lossen, en het samenleven met everzwijnen is echt wel mogelijk. We moéten trouwens wel. Als we kijken naar de schandalige jachtpartijen die er soms gehouden worden op everzwijnen waarbij met man en macht door de bossen getrokken wordt om de everzwijnen (en tegelijk ook àlle andere bosbewoner) op te jagen, die uiteindelijk geen resultaat opleveren, (denk maar aan de berichten over tientallen jagers die uiteindelijk met 1 geschoten zwijn terug naar huis keren…) lijkt het wel duidelijk dat het op deze manier niet werkt.

Typische zwijnensporen in bos

Beter lijkt mij om te aanvaarden dat de dieren er nu eenmaal zijn, de problemen die er zijn lokaal proberen op te lossen, en verder gewoon genieten van deze prachtige dieren die eindelijk terug rondlopen in onze Limburgse bossen, waar ze thuishoren!

Zijn everzwijnen gevaarlijk?

‘Ben je niet bang van everzwijnen als je ’s nachts in het bos dieren filmt’? Die vraag krijg ik ongeveer bij elke wandeling die ik gids in gebieden waar everzwijnen voorkomen. Logisch dat die vraag er komt, want over everzwijnen doen er heel wat wilde verhalen de ronde. Moedereverzwijnen met jongen zouden wandelaars de bomen injagen, en kinderen zijn niet meer veilig als ze alleen door het bos wandelen. Héél erg jammer, want hoewel everzwijnen vervelend kunnen zijn als je als boer je akker omgeploegd ziet, verdienen ze de reputatie gevaarlijk te zijn absoluut niet. Op weinig plekken in Europa leven bijvoorbeeld zoveel everzwijnen in de Ardennen. Net in dezelfde gebieden als waar duizenden wandelaars rondlopen (mét en zonder hond), honderden scoutsgroepen nachtelijke droppings houden en elke nacht kampeerders hun tenten opslaan.

De meeste mensen zien zelfs niet eens een everzwijn, en degene die ze zien, zien ze meestal opgeschrikt de veiligheid van het dichte struikgewas opzoeken. En er gebeuren niet zelden ongevallen, er gebeuren nóóit ongevallen. Dat alleen al is het beste bewijs dat everzwijnen niet gevaarlijk zijn. Everzwijnen zijn extreem schuw, zelfs moeders met jongen.

Een aangeschoten everzwijn valt fietser aan – uitzonderlijk gedrag in een uitzonderlijke situatie…

Maar die wilde verhalen hebben natuurlijk wel ergens hun oorsprong. Everzwijnen voeren in zeldzame gevallen zogenaamde schijnaanvallen uit. Dit wil zeggen dat ze opgeschrikt worden, en naar de verstoorder (bv een wandelaar) toelopen. De wandelaar vlucht, krijgt de indruk dat hij wordt aangevallen, en het verhaal van gevaarlijke zwijnen wordt geboren. Maar dit zijn slechts schijnaanvallen. Als je gewoon blijft staan, zal je merken dat het zwijn op 20-30m van je stopt, wat gromt terug wegloopt, weer terugkomt, nog wat meer gromt, en uiteindelijk definitief terug het bos in loopt. Een schijnaanval dus, echte aanvallen gebeuren niet.

Toch hoor je in extreme situaties dat er toch eens een everzwijn aanvalt. 

In juli 2017 werd op korte tijd 3 keer iemand aangevallen door een everzwijn in Beringen. Heel raar, en het bleken uiteindelijk ook uit een kwekerij ontsnapte dieren te zijn die geen schrik hadden van mensen. In februari 2019 werd dan weer een fietser aangevallen in Bokrijk (Genk). Ook heel bizar, en diezelfde dag nog kwam uit dat het ging om een everzwijn dat eerder op de dag was geschoten. Het dier was slecht geraakt en zwaar gekwetst, maar leefde nog en werd al uren achternagezeten door trackers en honden. Bijna altijd wanneer er zich toch een échte aanval voordoet, is de oorzaak te vinden in een bijzondere onnatuurlijke situatie. Maar zelfs dit gebeurt maar extreem zelden, ondanks de grote aantallen everzwijnen in ons land. En op basis van die gevallen zeggen dat everzwijnen gevaarlijk zijn, is natuurlijk onlogisch.