Wolven in Oost-Duitsland (2)…

In de vorige blogpost gingen we in Oost-Duitsland op bezoek bij mensen die betrokken partij waren bij de terugkeer van de wolf. We leerden dat, mits wat goede wil en hier en daar zelfs een inspanning, het perfect mogelijk is om samen te leven met wolven. Het boeiendste blijven natuurlijk de dieren zelf, dus wilden we toch een poging wagen echte wilde wolven te zien!

De omgeving scannen, op zoek naar wolven. Photo: Tom Palmaers

De omgeving scannen, op zoek naar wolven.
Photo: Tom Palmaers

Veel tijd hadden we niet , maar wie niet waagt, niet wint… De wolventerritoria in Oost-Duitsland zijn grotendeels bebost, wat een zoektocht naar wolven er natuurlijk niet makkelijker op maakt. Gelukkig zijn er hier en daar open stukken waar wolven ook geregeld komen foerageren, dus richtten wij onze pijlen op deze plekken. We hadden dan wel niet veel tijd, maar moest het lukken om wolven te zien, wilden we ze natuurlijk wel heel graag filmen. Omdat die open stukken soms erg groot (vierkante kilometers) kunnen zijn, hadden we degelijk materiaal nodig, en de zoom op mijn videocamera schoot hier wat tekort. Gelukkig boden vrienden van de blog www.ikziewatjijnietziet.com (zéker en vast de moeite om hier ook een kijkje te gaan nemen!) de oplossing. Via hen kon ik de Swarovski STX95mm-telescoop lenen met een koppelstuk om mijn Nikon D7000 erop aan te sluiten, een ideale digiscoopset dus. En zonder te willen vervallen in een reclamespot, wat een fantastisch toestel is die Swarovski! Glashelder beeld in de schemering, mét een superzoom erbovenop, ideaal om naar zoogdieren te zoeken en de wijdse vlaktes te scannen! Iets voor mij dus :-).

De twee ochtenden die we hadden brachten we door in Tauerwiesenteig in Förstgen. Aan de oevers van dit meer, dat nu zo goed als droog lag, worden geregeld wolven gezien. Neem “geregeld” niet te optimistisch op, dit jaar zijn er hier tot nu een 5-tal waarnemingen geweest, dus de kans dat we er zouden zien was weliswaar niet onbestaande, maar wel heel klein. Alleszins ligt het in een wolventerritorium waar dit jaar maar liefst 13 wolvenpups geboren zijn!

Panorama Tauerwiesenteig

Bij zonsopgang vatten we post op de hoge uitkijktoren die uitkijkt over het meer, en dankzij de videobeelden van een op de oever wandelende wolf die een natuurliefhebster ons liet zien kregen we net dat tikkeltje meer hoop. Enkele zeearenden en een groep trompetterende kraanvogels verlichtten het lange wachten. Deze waarnemingen op zich waren eigenlijk al fantastisch. Zeearenden worden ook wel eens vliegende deuren genoemd, en als ze op een tiental meter boven je overvliegen, zie je pas hoe indrukwekkend deze arenden wel zijn, en begrijp je ook waar ze hun bijnaam vandaan halen… Op vrij grote afstand van de hut liet ook een klapekster zich af en toe bekijken, en dankzij de Swarovski-telescoop konden we er ook enkele mooie videobeelden van maken. Ongelooflijk dat zo’n kleine vogel op die afstand bijna beeldvullend te zien is!

Maar hoe indrukwekkend die zeearenden of klapeksters ook wel mogen zijn, de kers op de taart, onze wolf, bleef achterwege. Overdag trokken we dan, samen met topgids en wolvenonderzoekster Cati Blum naar Tagebau Nochten, naar een enorme bruinkoolmijn. Hier leeft een andere wolvenroedel. Deze roedel werd gesticht door een in de omgeving bekende wolvin: Einauge (éénoog). Deze wolvin had maar één oog en was mank, de gevolgen van stroperij… Ondertussen is zij gestorven, en is haar dochter het alfavrouwtje van de huidige roedel.

De randen van deze gigantische vlakte waren bebost en net op het kruispunt van twee bospaadjes tegen een klein denneboompje vond Cati’s hond, speciaal hiervoor getraind, onze eerste échte sporen: wolvenuitwerpselen. In de uitwerpselen zagen we de haartjes van hun prooidieren, en blijkbaar hebben de uitwerpselen van wolven ook een zeer specifieke, maar toch nog altijd erg vieze geur. Om toch heel zeker te zijn, werden stalen genomen van de uitwerpselen, zodat via het DNA kan nagegaan worden of deze sporen inderdaad van een wolf afkomstig zijn. Hieronder zie je een kort filmpje over de vondst van de uitwerpselen (filmpje gemaakt door Tom Palmaers).

Van de bosrand trokken we dan het gigantisch uitgestrekte maanlandschap van de bruinkoolmijn in. Bijna irreëel om op zo een vlakte, met enorme fabrieken op de achtergrond, op zoek te gaan naar wolven. Maar dat ze deze vlakte af en toe doorkruisen, bewezen de pootafdrukken die we in het zand konden terugvinden. Nog een bewijs van de aanwezigheid van wolven! Massa’s everzwijn- en edelhertafdrukken bewezen dat hier ook prooien genoeg te vinden zijn! Vanop een uitkijkpunt scanden we de laatste uren voor zonsondergang de omgeving, maar weeral helaas geen wolf te zien. Misschien dat de rallywedstrijd die toevallig daar ook bezig was hier iets mee te maken had…

Bruinkoolmijn , deel van een wolventerritorium Photo: Tom Palmaers

Bruinkoolmijn, deel van een wolventerritorium
Photo: Tom Palmaers

Alleszinds, wolven konden we tijdens de twee dagen dat we daar waren niet zien. Bewijs van hun voorkomen was er echter wel. En ditzelfde verhaal is eigenlijk het verhaal van alle plekken in Europa waar wolven voorkomen: ze zijn er wel, en met goed zoeken vind je misschien wel sporen, maar ze écht te zien krijgen lukt bijna nooit. Zelfs de bewoners die we spraken hadden meestal nog nooit een wolf in levende lijve gezien. In gebieden waar nog geen wolven voorkomen staan mensen soms schrikachtig ten opzichte van de terugkeer van wolven, maar in gebieden waar ze al langer voorkomen, weet men dat men helemaal geen schrik moet hebben. Je ziet ze zelfs niet eens, en aanvallen doen ze al helemaal niet!  En moest je toch toevallig een glimp opvangen van de wolf, dan zit er niets anders op dan te genieten van dit zeldzame moment!

 

Wolven in Oost-Duitsland (1)…

Wolven komen dichterbij. Bijna maandelijks lees je in de krant berichten over de komst van de wolf richting onze streken.  Soms gaat het over een aangereden dier, soms een dier gefilmd met een trailcam, soms zelfs een illegaal geschoten dier, maar de waarnemingen stapelen zich op. In België blijft de wolf in Gedinne, die we enkele jaren geleden tijdens opnames van Dieren in Nesten konden filmen, het enige spoor. Maar het is ongetwijfeld nog maar een kwestie van tijd vooraleer een nieuwe waarneming zich zal voordoen. Zowel vanuit het oosten (Duitsland), als het zuiden (Frankrijk) rukken wolven op naar ons land. We liggen dus eigenlijk op het kruispunt van twee grote wolvenpopulaties. Voorlopig zijn de meeste wolven die dichterbij komen nog solitaire dieren, meestal mannetjes, die lange tochten ondernemen om nieuwe gebieden te bevolken, maar ook de échte wolvenroedels zijn ook niet meer zo veraf.

We merken dat heel wat mensen toch nog altijd wat bang zijn van wolven. Sprookjes als roodkapje hebben alvast bijgedragen aan dit soms negatieve beeld, en ook boeren en jagers staan vaak (onterecht) afkerig tegenover de terugkeer. Dit terwijl jaarlijks miljoenen mensen pal in wolvengebied gaan wandelen en kamperen (Spanje, Roemenië, Polen,…) en bijna niemand zelfs nog maar doorheeft dat er in diezelfde gebieden wolven aanwezig zijn.

Samen met Joos Meesters (journalist) en Tom Palmaers (fotograaf/cameraman) van Het Belang van Limburg trok ik daarom vorig weekend naar Oost-Duitsland. Hier, in Lausitz, vestigde zich in 2000 na heel wat waarnemingen van solitaire, zwermende dieren, een eerste echte Duitse wolvenroedel. En van hieruit werden andere delen van Duitsland gekoloniseerd. Nu zijn we 15 jaar later en zijn er al meer dan 30 Duitse roedels. Het kan dus snel gaan, en het leek ons het ideale moment om eens te gaan praten met mensen die bij het wolvenonderzoek betrokken zijn, en te horen hoe mensen hier nu na die 15 jaar van wolvenaanwezigheid tegenover de wolven staan.

Wolven en mensen…

In het Kontaktbüro Wolfsregion Lausitz worden alle gegevens over de verspreiding van Duitse wolven verzameld om zo tot een volledig overzicht te komen. Biologe Vanessa Ludwig leidt hier het onderzoek, en zij wist ons te vertellen dat wolven ook hier in Oost-Duitsland te maken hadden met zware vooroordelen. Er was veel angst voor het onbekende. Nu echter, heeft de meerderheid van de bevolking niet eens ooit een wolf gezien, en heeft men door dat die angst onterecht was.

Kaartje: http://www.wolfsregion-lausitz.de/

Kaartje: http://www.wolfsregion-lausitz.de/

Integendeel. De wolven trekken toeristen aan, en hier profiteren de mensen net van. Velen vinden het zelfs gewoon spannend om rond te wandelen, wetende dat er misschien enkele paren wolvenogen hen in de gaten aan het houden zijn… Het beeld dat de “gewone mensen” hebben van wolven is dus eigenlijk in de loop der jaren veranderd, en zeker niet meer negatief. In al die jaren is er in Duitsland geen enkele situatie geweest waar er op een of andere manier gevaar zou zijn geweest voor mensen…

Wolven en schapen…

Maar het zijn natuurlijk vooral de schapenboeren die écht last kunnen hebben van de wolf .Wolven zijn en blijven roofdieren, en net zoals de vossen bij ons, laten ze een gratis hapje zeker niet liggen. Terwijl kippen heel simpel te beschermen zijn tegen vossen, ligt het bij de combinatie schapen-wolven toch wat moeilijker, maar gelukkig is het ook niet onmogelijk. Dit bewijst de schapenboer die we bezochten. Frank Neumann verloor in 2002 maar liefst 27 schapen in één nacht bij een wolvenaanval. Hij ging op onderzoek uit en kwam terecht bij de fantastische Pyreneese berghonden. De jonge pups worden letterlijk tussen de schapen grootgebracht. De honden moeten de schapen zien als een deel van hun pack, en andersom moeten de schapen de honden ook volledig vertrouwen. Wanneer er wolven in de buurt zijn beginnen de honden te blaffen, en alleen al dit geblaf houdt meestal de wolven wel op afstand. Springt er toch een wolf over de omheining, dan kan het wel komen tot een confrontatie, die onherroepelijk gewonnen wordt door de 60kg zware berghonden. Maar dit gebeurt gelukkig maar zeer zelden. Belangrijk is dat er altijd twee of drie honden de schapen bewaken. Is het er maar één, dan splitsen de wolven zich, en kunnen ze alsnog aan de schapen… Nog belangrijk is dat de omheining 90cm moet zijn (indien er stroom op zit), of 120cm hoog (zonder stroom). Zo raken de wolven moeilijker binnen én kunnen de schapen moeilijker ontsnappen… De overheid geeft zelfs subsidies voor het maken van de omheining, het vergoeden van toch opgelopen schade, of zelfs voor de aanschap van de Pyreneese berghonden.

 

Grappig was dat een week voor ons bezoek leden van het Japans parlement bij Frank op bezoek zijn gekomen. In Japan is er een enorme overpopulatie van everzwijnen (ze komen er oorspronkelijk niet voor). De Japanse wolf, een aparte ondersoort, is er sinds 1905 uitgestorven, maar men denkt eraan om wolven te herintroduceren om zo iets te doen aan die overpopulatie…

Sinds dat de honden gebruikt worden, heeft Frank nooit meer last gehad van aanvallen. Het werkt dus écht. Het gaat zelfs zo ver, dat de in de buurt levende dam- en edelherten en reeën hebben geleerd dat het veilig is in de buurt van de honden! We hebben foto’s gezien van overdag rustig grazende edelherten op enkele meters van de honden, dus de vrees die jagers oorspronkelijk hadden, dat de honden het wild zouden wegjagen, bleek gelukkig onterecht!

Kijk hieronder naar een filmpje dat fotograaf/cameraman Tom Palmaers maakte tijdens onze zoektocht…

Wolven en jagers…

Jagers en roofdieren, het is en zal altijd een moeilijke combinatie blijven. Als we hier in België kijken naar de argumenten die gebruikt worden om bijvoorbeeld te vos te bejagen, zien we dat élk argument wetenschappelijk gezien volledige onzin is: zowel op het vlak van ziektes, inperking van de populatie, bescherming tegen kippen,… Elk wetenschappelijk onderzoek wijst uit dat een algemene bejaging niét helpt, en hoewel ik er zeker van ben dat vele jagers dit wetenschappelijk onderzoek ook kennen, doen ze toch hun eigen zin, en blijven er leugens verkondigd worden. Zonde, want roofdieren horen hier natuurlijk écht wel thuis. Zo ook de wolf. Hoewel ik er zeker van ben dat jagers die écht bekommerd zijn om de natuur de wolf ook graag zien terugkomen, komt er vanuit de jagershoek toch nogal wat tegenkanting. Omwille van de concurrentie natuurlijk.Jagers maken zich klaar... Jagers en wolven jagen op dezelfde prooien, en hoewel de wolven hier altijd hebben voorgekomen (totdat ze vorige eeuw werden uitgeroeid), zijn jagers met hun geweren uiteraard geen natuurlijke vijanden. Jagers hebben vaak bang dat er voor hen minder te jagen valt. Onzin natuurlijk, dan moeten jagers maar minder schieten, maar toch blijkt in Duitsland dat de terugkeer van de wolf geen of zeer weinig impact heeft op de reeën- of edelhertenpopulatie, en zijn veel jagers daar ondertussen toch terug gematigder. Gelukkig maar, want veel van de terugkeer van de wolf hangt af van hoe de jagers zich tegenover de wolf opstellen.

Een wolvenroedel van 4-6 dieren heeft gemiddeld 250km² nodig in de Duitse wolvenregio, een enorme oppervlakte. Dit wil zeggen dat er 0,02-0,04 wolven per 100 hectare leven. Ter vergelijking, in diezelfde Duitse wolvenregio is er gemiddeld 1 jager per 100 hectare! Die wolven zullen echt geen verschil gaan maken…

Wolven…

Als eindconclusie komt het er eigenlijk op neer dat er soms nog wat angst is op plekken waar de wolf net zijn intrede heeft gemaakt, en soms ook schade in de vorm van doodgebeten vee, zoals in Gedinne. Gelukkig ebt die angst snel weg, en kunnen er maatregelen genomen worden om veeschade te voorkomen. Er valt heel goed met de wolf, Europa’s toppredator, samen te leven, al moet er hier en daar een extra inspanning geleverd worden om alles vlot te laten verlopen. Maar dit moet zou geen probleem mogen zijn!

Als we dan toch in wolvengebied zijn, willen we natuurlijk ook op zoek gaan naar wolven. In mijn volgende blogpost lees je hoe we dit gedaan hebben, en of het gelukt. Vul hieronder of hiernaast je mailadres in, zodat je op de hoogte gehouden wordt van volgende posts!