Ardennen en Oostkantons 23-24/06/2011

Donderdagavond, 23 juni, vertrokken Brecht en ik voor 2 dagen naar de Ardennen. Onze eerste stopplaats was in de buurt van La Roche. Eén van de doelen van het weekendje was enkele mooie beelden te maken van everzwijnen. Hiervoor gebruikten we drie trailcams, die een 20 seconden filmpje maken telkens een dier de camera passeert. Ideaal om nachtelijke zoogdieren op film te krijgen.

Everzwijnen laten tijdens hun zoektocht naar knollen, wortels, insecten, eikels, noten,… typische wroetsporen achter. Niet moeilijk dus om plekken te vinden waar everzwijnen actief zijn. Aan een bosrand, grenzend aan een weide vol met deze wroetsporen, hingen we de drie camera’s op.

Na het ophangen was het bijna donker, en gingen we spotlighten. Wilde dieren kennen auto’s en hebben er geen schrik van, dus wanneer vanuit de auto geschenen wordt met een lamp, is de verstoring minimaal. Tijdens het schijnen zagen we, zoals altijd, voornamelijk edelherten. Naast veel hindes ook verschillende prachtige bokken met al een gigantisch gewei. Dit gewei blijft nu nog even doorgroeien tot ongeveer half juli. Vanaf augustus worden de mannelijke herten dan wat onverdraagzamer tegenover elkaar, en vanaf half september start de echte bronsttijd.

Naast edelherten ook veel reeën en enkele vossen. Minder vossen dan normaal, maar dit komt waarschijnlijk omdat het gras zeer hoog stond en kleinere dieren als vossen veel moeilijker te spotten zijn. Een jonge vos zagen we vlak voor de auto naar eten zoeken, zonder dat het zich iets van ons aantrok. In een weide zagen we ook nog een foeragerende das, altijd leuk om te zien!

Tijdens het rijden naar onze tent, die we enkele uren eerder in bos hadden opgezet, hoorden we jonge bosuilen roepen! Ze bleken veel moeilijker te vinden dan verwacht, maar uiteindelijk zagen we toch twee jongen in een boom zitten, die met veel geschreeuw reageerden op de roep van één van de ouders in de buurt. Deze bosuilen waren niet de enige uilen die we zagen, want iets verder konden we enkele minuten lang genieten van een ransuil die vanaf een weidepaaltje op zoek was naar een prooi.

Rond drie uur gingen we dan slapen, om om half 6 wakker gebeld te worden door Bart van het Natuurhulpcentrum  (die niet weet dat ik in de Ardennen zit) met de vraag of ik mee kan komen om een everzwijn uit het kanaal te vissen… Terwijl we dus in de Ardennen hopen op enkele leuke beelden van everzwijnen, krijgen we in het Natuurhulpcentrum de tweede oproep deze week over een everzwijn in de problemen.

’s Morgens vroeg starten  we met het ophalen van de camera’s. Tijdens het wandelen naar de eerste camera, die we gisteren hadden opgesteld bij een modderige drinkplaats, zagen we een grote everzwijnenbeer voor ons uit weglopen. Dit was een goed voorsmaakje van wat we te zien kregen op de filmpjes van de eerste camera. Een zogenaamde rotte (everzwijnengroep) van een twintigtal dieren zat recht voor de camera te foerageren! De rotte bestond uit jongen van dit jaar en vorig jaar, en enkele grote volwassen zeugen. Volwassen mannetjes leven in deze periode solitair en vergezellen de groep enkel in de winter tijdens de bronsttijd.

Screenshot van een filmpje van de everzwijnen

Ook op de twee andere camera’s waren mooie beelden te zien van everzwijnen en van een naar voedsel zoekende vos. Omdat de camera’s zo goed hangen, hebben we ze nog enkele dagen laten hangen. Volgende week ga ik ze weghalen, en zijn er hopelijk nog enkele andere leuke beelden geschoten!

Na het weghalen van de camera trokken we naar de Oostkantons. Hier gingen we zoeken naar ringslangen. Met succes, want in een prachtig stukje natuur vonden we een tiental jonge dieren. De grote aantallen kikkers en salamanders daar vormen het perfecte voedsel voor deze niet-giftige slang. Hoewel, niet-giftig is ook niet helemaal juist. Ringslangen hebben kleine giftanden achteraan in de bek, die het gif dus pas in de prooi injecteren als hij de keel binnengaat.

Ringslang

Ringslangen zijn trouwens de enige slangen in België die eieren leggen. Gladde slang en adder zijn eierlevendbarend. Om te zorgen dat de eieren niet afkoelen (bij een temperatuur lager dan 21° kan het embryo sterven) legt een ringslangvrouwtje haar eieren in een broedhoop bestaande uit plantaardig afval. Door de compostering komt er warmte vrij, die gebruikt wordt om de eieren op temperatuur te houden.

Iets verderop wisten we een nest van de zwarte ooievaar zijn. In mijn ogen een van de spectaculairste soorten van België, en een typisch Ardense soort. Dankzij de terugkeer van de bever, die kleine bosriviertjes op sommige plekken door het bouwen van dammen omvormt tot vijvers en dus een thuis bieden aan amfibieën, doet ook de zwarte ooievaar het terug beter. Toch blijven ze nog zeldzaam, dus was het prachtig om te zien dat het koppel drie gezonde jongen had. Vanop afstand, om de dieren absoluut niet te storen, konden we de vogels toch heel goed bekijken. We zagen twee jongen die elkaars veren aan het proper maken waren, en na een uurtje wachten konden we ook beide ouders zien terugkeren naar het nest.

Deze diashow vereist JavaScript.

In de Oostkantons is het ook leuk om gewoon rond te wandelen, dus volgden we vanuit Schönberg een bospaadje dat naast een klein riviertje liep. Onderweg zagen we enkele reebokjes weglopen, en onder een rotte boomstam vonden we een hazelworm en een jonge salamander.

Als afsluiter van ons weekendje passeerden we nog even langs een grote steengroeve, waar we een volwassen oehoe zagen vliegen. Heel erg leuk om een geslaagd weekendje af te sluiten met onze grootste inheemse uilensoort!

Oehoe

Tamme gans met pijl…

In het Natuurhulpcentrum krijgen we vaak te maken met in de problemen geraakte tamme ganzen. Vaak zijn ze terechtgekomen in visdraad of hebben ze een gebroken vleugel, maar deze week kregen we een nogal speciale oproep van de Nederlandse Dierenbescherming. Aan kasteel Hoensbroek, in Nederlands Limburg, zwom een met een pijl doorboorde gans! Aan het kasteel was al twee dagen een Middeleeuws festival bezig. Iedereen was verkleed als “Middeleeuwer”, en tijdens het opspannen van een boog werd er “per ongeluk” een pijl afgeschoten die “per ongeluk” een gans doorboorde. Ik denk eerder aan een uit de hand gelopen zat feestje, maar hoe dan ook, het beest moest gevangen worden.

Samen met Matthieu, een vrijwilliger van het Natuurhulpcentrum, trokken we naar het kasteel. De bewuste gans zwom in een gemengde groep van tamme en Canadese ganzen, en inderdaad, de gans was volledig doorboord door de pijl, maar hij kon even goed zwemmen als de rest.

Met de kayak kon het groepje ganzen in een zijarm van de gracht gedreven worden. Daarna legden we een lang net in het water, waar de ganzen vervolgens naartoe gedreven werden. Op het moment dat de doorboorde gans over het net wilde zwemmen, trok Matthieu het net omhoog en werd de gans gevangen.

In het Natuurhulpcentrum kon de wonde goed bekeken worden, en al bij al viel het gelukkig nog goed mee. De pijl had enkel de huid op de rug doorboord. De wonde werd ontsmet en genaaid, en al direct kon de gans op een vijver geplaatst worden.

Eind goed, al goed, en binnen enkele dagen wordt de gans teruggeplaatst op de vijver.